In de Arbeidstijdenwet (ATW) en het Arbeidstijdenbesluit zijn bepalingen opgenomen op het gebied van arbeids- en rusttijden. Per 1 april 2008 is voor de sector Politie de vereenvoudigde ATW van rechtswege van kracht geworden. Dit is de Landelijke Arbeidstijdenregeling sector politie (LAR). Deze regeling is voor alle politiekorpsen in Nederland hetzelfde. Naast de Arbeidstijdenwet (ATW) is er het Arbeidstijdenbesluit. Hierin zijn de aanvullingen en uitzonderingen op de Arbeidstijdenwet (ATW) opgenomen. Deze gelden voor bepaalde categorieën werknemers. Daarnaast komen uitzonderingen voor in een aantal specifieke situaties en sectoren aan de orde. De ATW geldt voor iedereen die onder gezag arbeid verricht. De arbeids- en rusttijden zijn voor de vrijwillige politie geregeld in paragraaf 5.11 van het Arbeidstijdenbesluit. De ATW geldt dus ook voor de vrijwillige politie. Dat betekent dat de optelsom van het werk in de hoofdbetrekking en het werk voor de vrijwillige politie moet voldoen aan de normen van de ATW.

Voor de vrijwillige politie zijn 3 artikelen in paragraaf 5.11 van belang.

Artikel 1. De artikelen 5:3, tweede lid; 5:5 tweede lid, 5:8, eerste lid en 5:8 derde lid van de wet zijn ten hoogste eenmaal in elke aaneengesloten periode van 7 maal 24 uur niet van toepassing, indien de werkgever de arbeid zodanig organiseert, dat de werknemer in elke aaneengesloten periode van 7 maal 24 uren:

a. hetzij een onafgebroken rusttijd heeft van ten minste 24 uur; b. hetzij een rusttijd heeft van ten minste 11 uur in een aaneengesloten periode van 24 uren.

Wat zegt artikel 5:3, tweede lid? De werkgever organiseert de arbeid zodanig dat er een onafgebroken rusttijd is van ten minste 11 uren in elke aaneengesloten periode van 24 uren, welke rusttijd eenmaal in elke aaneengesloten periode van 7 maal 24 uren mag worden ingekort tot ten minste 8 uren, indien de aard van de arbeid of de bedrijfsomstandigheden dit met zich brengen.

Wat zegt artikel 5:5 tweede lid? De werkgever organiseert de arbeid zodanig dat de werknemer een onafgebroken rusttijd heeft van ten minste: 36 uren in elke aaneengesloten periode van 7 maal 24 uren, of 72 uren in elke aaneengesloten periode van 14 maal 24 uren, welke rusttijd kan worden gesplitst in onafgebroken rustperioden van elk ten minste 32 uren.

Wat zegt artikel 5:8, eerste lid? (vereenvoudigde weergave) De werkgever organiseert de arbeid zodanig, dat een werknemer ten hoogste arbeid verricht gedurende 10 uren per nachtdienst.

Wat zegt artikel 5:8 derde lid? (vereenvoudigde weergave) De werkgever kan ten hoogste 5 malen in elke aaneengesloten periode van 14 maal 24 uren, en ten hoogste 22 malen in elke aaneengesloten periode van 52 weken, de arbeid zodanig organiseren dat een werknemer: A. ten hoogste arbeid verricht gedurende 12 uren in een nachtdienst, en B. aansluitend op die nachtdienst een onafgebroken rusttijd heeft van ten minste 12 uren.

Artikel 2. Indien het eerste lid, onder b, wordt toegespast, organiseert de werkgever de arbeid zodanig, dat de werknemer na het verrichten van de arbeid een onafgebroken rusttijd heeft van ten minste 24 uren.

Artikel 3. De in het eerste lid, onder b bedoelde aaneengesloten periode vangt aan op het eerste tijdstip van de dag waarop de werknemer arbeid verricht.

 

 
Poll
Het nieuwe tenue voor de politie wordt vanaf 2de kwartaal 2014 ingevoerd. Dit tenue is een verbetering tov het huidige tenue.
 
  • Volg de LOPV op Facebook
  • Volg de LOPV op LinkedIn
  • Volg de LOPV op Twitter
  • Volg de LOPV op Google+
Banner