Met 149 stemmen vóór en 1 stem tegen heeft de Tweede Kamer een motie van Gert-Jan Segers (Christenunie) en Madeleine van Toorenburg (CDA) aangenomen. Beiden roepen in deze motie de Minister van Veiligheid en Justitie op om te zorgen dat er afspraken gemaakt gaan worden over de aansturing, begeleiding en personeelszorg van politievrijwilligers. In de motie verlangt de Tweede Kamer dat de regering duidelijk gaat maken welke plek de vrijwilligers innemen in de politieorganisatie. Eerder hebben de LOPV en de politievakbonden ACP, ANPV, NPB en VMHP de overleggen met de minister opgeschort nadat gesprekken daarover waren vastgelopen. De minister wordt nu dus verzocht om te zorgen dat de gesprekken hierover met de LOPV hervat kunnen worden.

De LOPV en de politievakbonden hebben steeds aangegeven pas terug te zullen keren naar de overlegtafel wanneer de politie niet langer intern verdeeld is en met concrete voorstellen komt. De gesprekken duren al lang en moeten nu snel tot resultaat gaan leiden. De LOPV en de vakbonden vinden dat de aansturing en begeleiding van vrijwilligers zoveel mogelijk binnen de lokale teams zou moeten gebeuren, met in elke eenheid een centraal Team Vrijwilligerscoördinatie. Dit team kan vrijwilligers en hun teamchefs adviseren, faciliteren en problemen voor ze oplossen. Onderzoeken geven aan dat dit ook is hoe de politievrijwilliger het graag ziet. Verder moeten het Politiedienstencentrum (PDC) en de beleidsdirecties meer rekenschap geven van het feit dat er politievrijwilligers in de organisatie rondlopen. Dit past goed bij de nieuwe inrichting van de Nationale Politie en de afspraak dat politievrijwilligers gelijkwaardig zijn. Om het hervatten van de gesprekken te laten slagen verwachten we daarom dat een eventueel nieuw voorstel van de minister aan deze uitgangspunten tegemoet zal komen.